Uitgelicht
"Mijn moeder is de eerste en waarschijnlijk de enige die op de reut kocht bij de gebroeders De Hooge"
Het is Frans Krassenburg, die ons foto's stuurt (dank, Frans!) en ons daarmee op het spoor zet van een markante Hagenees en Westend-bezitter: Ruud van de Sluis (60), alias Rooie Ruud. We bellen 'm en treffen Ruud bij toeval in het pand waar in de jaren '60 The Golden Earrings (jawel, met zanger Frans Krassenburg) oefenden.
Ruud blijkt in het bezit van een buitengewoon fraai Westend drumstel, dat momenteel bij het ons zo bekende RockArt van Jaap Schut in Hoek van Holland staat. Ruud is drummer bij "Knappe Mannen & Diva's", waar 'ie op Pearl of Premier drumt. Binnenkort stapt 'ie (naast "Knappe Mannen") in een jazzband, waar hij zijn Westend set gaat gebruiken. Het is Ruuds tweede Westend set.
We vragen Ruud naar zijn blinkende WMP Westend en Ruud blijkt een gemakkelijke prater die veel kan verhalen over het merk. Ruud: "Die set ziet eruit als nieuw, zo uit de doos". Zijn eerste Westend set werd lang, lang geleden gekocht door zijn moeder. Ruud: "Zij is de eerste en waarschijnlijk de enige die op de reut (Red.: Haags voor "met gespreide betaling") kocht, rechtstreeks bij de gebroeders De Hooge". Wij dat denken dat wel zeker te weten.
Ruud: "De winkel van Bram en Just op het Westeinde ken ik goed, ik kwam er héél veel. Ik kan je veel vertellen, te veel om dat even over de telefoon te doen". We kletsen nog wat en laten 't voor dit moment even hierbij. We spreken af dat we elkaar binnenkort in Den Haag ontmoeten. We willen alles horen over Ruud en zijn Westend.
AP/RvdW, december 2009
"Ik heb nog altijd spijt als haren op m'n hoofd dat ik mijn Westend heb ingerolen voor een Rogers"
Acht maanden later, veel later dan gepland, ontmoeten we Ruud in Den Haag. Ruud (inmiddels 61) blijkt in het dagelijks leven huisschilder. Aangezien het ook voor hem een gewone werkdag is, treffen we Ruud buiten in de zon, tegenover het adres waar hij aan 't werk is, niet ver van zijn huisadres, dicht bij het Westeinde. Hij maakt tijd voor ons vrij en vertelt honderd uit, met grote regelmaat voorbijgangers groetend. "Dag wijffie!" Ruud vertelt heel veel en dwaalt leuk af met talloze anekdotes in sappig Haags. We hebben dan ook het onderstaande met spijt moeten beperken tot een Westend-gerelateerd verhaal.
Ruud vertelt over zijn eerste Westend, een goud-glitter configuratie van bassdrum, hangende tom, staande tom en een Premier snare. Bram de Hooge blijkt Ruud een Premier snare te hebben verkocht met de woorden “Pik, wees verstandig en koop een Premier snare”, aldus Ruud. Wij gokken erop dat Bram de Hooge af en toe de vertegenwoordiger van Premier, die wekelijks de winkel op het Westeinde bezocht, wilde plezieren met een bestelling van meer dan alleen hardware. Een andere verklaring voor het aanbevelen van een Premier- in plaats van een Westend snare kunnen wij niet bedenken, al blijft het, nogmaals, een gok. 
Waarom koos je toen voor Westend, Ruud, en niet voor Premier, Ludwig of Slingerland, om maar eens wat te noemen? Ruud: “Ik had een of ander niet al te best drumstel, een oude Pearl of zoiets. Komt er een knaap naar me toe en omdat ik een drumstel had was ik meteen de drummer bij zijn band. Ik kreeg een contract voor zes maanden. Dat waren de Moondrifters, een Indo-band. Omdat heel veel Indo-bands op Westend speelden, moest ik ook maar een Westend gaan kopen, werd me gezegd. En dat heb ik toen maar gedaan”.
“De grootste fout die ik in mijn leven heb gemaakt voor wat betreft drumstellen, was het wegdoen van die Westend. Ik heb nog altijd spijt als haren op m'n hoofd dat ik mijn Westend heb ingeruild voor een Rogers. Had ik natuurlijk nooit moeten doen. Dat was in ik meen 1974, bij Bas van de Rest. Ik moest zo nodig zo’n grote set met twee bassdrums hebben. Volgens mij was het spul rood parelmoer of zoiets. Ik ging in Duitsland spelen en wilde stoer zijn. Tja, nu, ouder, denk ik er wel anders over, hoe kleiner de set hoe mooier. Trouwens, over Duitsland gesproken: Ik heb ook nog in een band in Hamburg gezeten, een funkband”.
Over de aankoop van zijn tweede, huidige Westend, een paar jaar geleden, vertelt Ruud: “Ik ben in ’t koffiehuis, hier verderop, komt er een man naar me toe, die vertelt dat ‘ie iemand kent die een drumstel te koop heeft. Ik erheen, kom binnen en zie een schitterende set staan. Wit parelmoer, als nieuw en alles Westend, op de tom na. Da’s een Beverley. Er zaten ook nog bongo’s bij en een goed gevulde accessoirekoffer.
Ik vraag wat ’t spul moet kosten en die man zegt € 1500. Ik antwoord dat ik het drumstel helemaal niets vind en bied € 150. Ik wist natuurlijk heel goed wat ’t waard was, maar liet niets merken. De man accepteerde mijn bod niet en ik ging weg. Ik had mijn hielen nog niet gelicht of hij roept me terug. Doe me die € 150 maar, zegt ‘ie. Zo ben ik aan mijn tweede Westend set gekomen, voor een héél leuk bedrag, mag ik wel zeggen. En die accessoirekoffer heb ik verpatst. Ik heb nog maar zeven, acht keer op deze Westend-set gespeeld, de laatste keer met Rinus Gerritsen, in de Terletstraat, bij het Prijspaleis. De set staat nu bij me thuis op de slaapkamer. Elke avond kijk ik er even naar". 
Ruud was een jaar of 15 toen ‘ie voor 't eerst bij Bram de Hooge in de winkel kwam. Just was toen al weg uit de zaak en Ruud heeft Just dan ook niet gekend. Ruud: “Ik mocht veel van Bram, hij vond mij wel een gezellig ventje, geloof ik. Ik mocht bijvoorbeeld z’n drumstellen stemmen. Hij was overigens voor mij altijd Ome Jan, heb ‘m nooit anders genoemd. Hij heeft mij al die jaren nooit verteld dat ‘ie Bram heette, daar kwam ik pas achter toen ik jullie Westend-boekje las!
Een paar jaar nadat de zaak stopte (1976), is de familie De Hooge verhuisd, door dat nieuwe ziekenhuis moest het pand tegen de grond. Ze gingen naar een flat, niet ver van het Westeinde. Ik heb toen een paar dozen met gloednieuwe stokken, met die rode uiteinden, van Bram gekregen. Ik gaf ze weg en verkocht er wat.
Bram heeft me tijdens zijn wandelingen, zo liep hij nog wel eens naar Florencia voor een praatje en een kop koffie, ook dikwijls opgezocht in de stal waar ik mijn paard houd. Kwam ‘ie langs met zijn hondje.*)
Aardige kerel, Ome Jan".
*) Het hondje van Bram heette Diana en was een Schotse Collie. Kleine man met grote hond.
Bron: Margriet de Hooge.
AP/RvdW, augustus 2010
We wijzen u graag nog even op een schitterend filmpje over Ruud en zijn prachtige (Hackney) paard Lord. Het filmpje is in oktober 2009 uitgezonden door Man Bijt Hond. Let daar even op de heerlijke uitspraak van Ruud: "Ik heb al 60 jaar een zak aan m'n kont hangen en ik schijt er nog steeds langs". En dat in loepzuiver Haags.
Ruud van de Sluis, drummer en bovenal paardenliefhebber. Humor kan 'm niet ontzegd worden.