Print deze pagina

Jaap Eggermont

Door Jan Sander

Drummer van het (bijna) eerste uur:

Jaap Eggermont

Terwijl ik even zit te wachten in de keuken van zijn Soundpush Studio in Blaricum hoor ik muziek komen uit de studio waar Jaap Eggermont een opname aan het mixen is van een zangeres. Ik heb een interview met Jaap Eggermont, wereldbekend geworden met zijn Stars on 45. Nummer 1 in de Verenigde Staten! Producer van vele Nederlandse bands, maar voor mij vooral de drummer van The Golden Earrings.

Voordat we met het gesprek beginnen, bladert Jaap aandachtig mijn plakboek van de tijd dat hij in de band speelde door. Bij iedere foto zit wel een verhaal! Ik praat met Jaap over zijn periode in The Golden Earrings van de zomer van 1965 tot en met de zomer van 1969. Het verhaal van een band met uitstekende contacten.

Voor The Golden Earrings was de opname van hun eerste single Please Go en hun eerste lp Just Ear-rings in 1965 een grote gebeurtenis. Jaap vertelt dat de band Please Go helemaal niet zag zitten. Ze vonden de single van The Haigs, From now on, veel meer een Engelse sound hebben. Freddy Haayen, de man achter de opname van Please Go, liet de band thuis op zijn Bang & Olufsen installatie luisteren hoe goed Please Go klonk en zo werd Please Go een top-10 hit in Nederland en is de single zelfs in 1966 in Amerika uitgebracht op het General American Recordings label. De deal met Haayen was wel dat de groep er op stond dat de tweede single, waar er al 500 van waren geperst, Lonely Every Day met op de B-side Not to find, niet zou worden uitgebracht!

Westend drumstel
Jaap: "Ik ben gaan drummen omdat drummen iets fascinerends heeft en ik het leuk vond; voordat ik een echt drumstel had, zat ik thuis al te oefenen op een plat trommeltje. Ik heb niet veel les gehad, maar het me zelf geleerd door veel te oefenen. Ik had niet echt een favoriete drummer; ik ben altijd meer geïnteresseerd geweest in de muziek als geheel. Ik vond Ringo Starr leuk, maar dat is misschien een bewijs dat ik niet echt geïnteresseerd was in zeer technische drummers.

Ik heb altijd maar één merk drumstel gehad, Westend, gemaakt door de heer De Hooge in het Westeinde in de binnenstad van Den Haag. Ik luisterde in die tijd thuis bij mijn ouders naar de platen van Haagse dixieland bands als The Dutch Swing College Band en The Downtown Jazz Band en die speelden op Westend.


Foto: met dank aan Jan Sander.

Als jongetje stond ik in het Westeinde in de etalage te kijken. Boven, in een heel kleine werkplaats bouwde hij de drumstellen. De ketels werden in Friesland gemaakt, maar hij zette de trommels in elkaar door het ‘metal work' er op te zetten en de trommels te bekleden met parelmoer. Hij vond alleen Slingerland goed, terwijl Ludwig volgens hem niets was. In het begin speelde ik ook op een Westend snaredrum, maar later toch op een Ludwig snare; dat was de koning onder de snaredrums. Ludwig heeft nog steeds een hoog aanzien, hoewel bijna alle Amerikaanse merken van de markt zijn verdwenen; het is tegenwoordig allemaal Pearl en Tama."

The Pirates
"Hoe ik precies bij mijn eerste band, The Pirates, kwam, weet ik eigenlijk niet meer; er zat een jongen van mijn school bij. We speelden nummers als Do you wanna dance van Cliff Richard en nummers van The Beatles. Ik zong zelfs een nummer van The Beatles: She's a women! Het was een gelikt bandje, wat je ook wel ziet op de foto's uit de tijd. Zo hadden we allemaal dezelfde jasjes aan, die mijn moeder gemaakt had! Het was een band uit wat ik noem ‘de cross over tijd'; zo stond ik als jongen nog te kijken naar The Crazy Rockers, echt de Scheveningse zomer scene. We vonden dat als band ook leuke muziek en we waren dan ook een soort mengsel van de Indo sound en de beat muziek. Technisch gezien waren de Indo bands in Den Haag veel verder dan welke andere band dan ook; ze hadden bijvoorbeeld ook al veel in Duitsland gespeeld. De drummer van The Tielman Brothers, een andere Indo band, liep tijdens de drumsolo al spelend om het drumstel heen! Dat was een niveau waar we als The Pirates alleen maar van konden dromen!

The Pirates hadden Jacques Senf als manager. Jacques zag met zijn ‘Fingerspitzengefuhl' dat The Golden Earrings een zeer goede band was. De Earrings zijn in eerste instantie zelf de aanzet tot hun succes, zonder mij. Dat moet je ze echt nageven. Eerlijk is eerlijk! De jongens van de Earrings hebben zich zelf ook altijd goed verkocht! Dat bestaat tegenwoordig eigenlijk niet meer. Het begon al toen de band heel populair was met de optredens op de zondagmiddagen van twee tot vijf in een hotel bij de Regentesselaan in Den Haag. Daar kwamen altijd een heleboel mooie meisjes op af! Met The Pirates traden we ook in zaaltjes op, maar dan op de avond, b.v. een keer in de veertien dagen in De Haard in Den Haag. De jongens van de Earrings kwamen op zaterdagavond bij ons kijken. Bij The Pirates kwamen de mensen meer voor de gezelligheid, maar bij de Earrings kwamen de mensen echt voor de band. Jacques Senf merkte al snel dat het met The Pirates niet echt iets zou worden en zag het met The Golden Earrings helemaal zitten. Ze hadden nog geen manager in die tijd. Hij heeft zich echt op de Earring gestort! Ze wilden ook een andere drummer hebben en Jacques vond mij bij de band passen. Hun drummer, Fred van der Hilst, had ook andere aspiraties. Zo ben ik bij The Golden Earrings gekomen."


Eigen foto Jan Sander. Locatie: Club '66 in Honselersdijk, 1968

 The Golden Earrings: samenwerken met de juiste mensen
"We speelden met de Earrings in die tijd veel covers, zoals She is not there van The Zombies, You keep me hanging on van Vanilla Fudge en What I say. George was ook gek op soul muziek. Volgens mij hebben we ook nummers gespeeld van Otis Redding (Try a little tenderness?)

Jacques Senf regelde dat Freddy Haayen een keer naar de band kwam kijken. Op dat moment ontstond weer datzelfde effect als bij hun optredens om mensen aan zich te kunnen binden. Dat heeft de Earring altijd gehad, maar toen kwam dat uit het niets voort. Net als Jacques Senf zag Freddy Haayen dat The Pirates het niet helemaal hadden en de Earrings juist wel. Iets wat The Rolling Stones volgens mij ook meer hadden dan The Beatles. The Stones zijn volgens mij echt voorgekomen uit een achterban, als het ware ‘op de wings van hun aanhang'. The Beatles waren al meer een beroepsorkest in Duitsland. The Stones werden ook in het begin gesteund door anderen. Ze hadden geen eigen nummers en namen zelfs een nummer van The Beatles op: I wanna be your man.

George en Rinus hadden een duidelijke ‘songwriters ability' en toen we Just Ear-rings gingen opnemen, werd er voor de lp per dag wel een nummer geschreven. George is op een leuke manier echt fanatiek in het schrijven van nummers. Just Ear-rings hebben we in twee, drie dagen in de GTB Studio in Den Haag opgenomen."

Recorded in Londen
"Voor de tweede single, That day, zijn we met de boot naar Engeland gegaan om de single in de Pye Studio in Londen op te nemen. We sliepen in het Cumberland Hotel, achter Marble Arch om de hoek van de studio. De gitarist van The Pirates, Aat den Dulk, is meegegaan om piano te spelen. That Day is volgens mij best ‘een piano plaat'.

De Pye Studio was een echte toonaangevende studio. Bands als The Rolling Stones en The Kinks namen er hun platen op. Op een dag ging ik alleen naar Wimpy om de hoek van het hotel en -dat zal ik nooit vergeten- stopte er een Rolls Royce Silver Shadow en daar stapte Keith Richards in een spijkerbroek uit met een akoestische gitaar over zijn schouder en liep de Pye Studio binnen. Even later kwam Mick Jagger in een Mini Cooper aanrijden en ging ook de studio in. De volgende ochtend hoorden we het geluid van strijkers uit de studio komen. Er waren geen mensen meer in de studioruimte, maar die stond nog wel helemaal vol met stoelen voor de strijkers tijdens de opnames. Ze draaiden de hele tijd de opname van Back Street Girl. Wij dachten dat het nummer op de volgende lp zou komen, maar het stond er pas een of twee platen later op. The Kinks hebben we ook wel eens gezien in de Pye Studio. Zij zaten de eerste keer in studio 1 en wij in studio 2; de tweede keer was het net andersom.

De singles If you leave me, Daddy buy me girl en Rum and Coca-Cola zijn in Den Haag opgenomen. Voor de opname van Don't run too far (‘de song met de blazers'), Sound of the screaming day, Together we live, together we love en Dong-dong-diki-digi-dong zijn we weer naar Londen gegaan."

Gipsy Rhapsody
"Over de opname van de lp Winter Harvest hebben we veel langer gedaan dan bij Just-Earrings. Ik vind het een goede lp geworden met een leuke hoes. Op de lp Miracle Mirror staan volgens mij ook een paar goede nummers. Gipsy Rhapsody vind ik een heel goed nummer. Ik kon niet zo heel goed drummen, maar er staan wel hele leuke drums op bijvoorbeeld Miracle Mirror! Op That Day staat ook een goede fill (‘boem boem, tak tak'), die ik daarna nooit meer heb kunnen spelen! Ik luister eigenlijk niet naar die oude nummers, omdat ik niet zo met het verleden bezig ben. Ik ben op dit moment met de opnames van een geweldige zangeres bezig en vanavond komen mijn zoons met hun band, Two Way Radio, hier in de studio weer repeteren.

We namen in die tijd zelfs filmpjes op bij sommige singles, zoals de opname met de olifanten op het Malieveld bij Daddy buy me a girl en de moddergevechten bij Sound of the screaming day. Over die opname met modder hebben ze me thuis behoorlijk uitgelachen! Bij de single I've just lost somebody hebben we in Amsterdam in de buurt van het Scheepvaartmuseum opnames gemaakt. Van de lp On the double zou ik een aantal nummers gewoon weer moeten horen, want die lp kan ik me op dit moment niet zo herinneren.

We zijn met Frans Krassenburg naar Stockholm geweest voor een aantal optredens (januari 1967) en met Barry hebben we opgetreden in het Olympia Theater in Parijs (november 1968). Where will I be hebben we tijdens de eerste tour door Amerika in de Century Sound Studio in New York opgenomen, een studio in een kelder. Het resultaat van de opname in Amerika viel ons alleen zwaar tegen."

The US of America; Bobby, the roadmanager
"Freddy Haayen was zo ambitieus ‘als de hel' en wilde met de band naar Amerika. Eerst leek de tour op een zeperd uit te draaien, maar per saldo stelde het wel wat voor! Eerst leek de tour niet door te gaan, omdat de werkvergunningen niet waren geregeld, waardoor we twee weken in Nederland moesten onderduiken om de zaken alsnog te regelen. We sliepen in het Wellington Hotel in Manhattan. Bij aankomst in New York bleken er echter geen optredens te zijn geregeld. Freddy dacht dat hij vanuit New York de optredens wel zou kunnen regelen. In het begin lukte dat echter voor geen meter. In New York bleek er gewoon geen belangstelling voor de band. Maar op een gegeven moment kwamen we een road manager tegen, Bobby, en die had goede contacten. Bobby vond onze band leuk en ging zaken voor ons regelen. Maar als we ergens speelden, dan stelde dat voor Amerikaanse maatstaven niet veel voor. We hebben wel in de bekende club The Scene in New York gespeeld. Toen wij daar optraden, speelde Jimi Hendrix er ook! In Unganos speelden we voor een bijna lege zaal. Daar hebben we Joe Cocker wel zien optreden!

We hebben via die Bobby ook in Detroit gespeeld, maar daarna dreigde het helemaal spaak te lopen. Via contacten van Bobby aan de Westkust zijn we in Seattle beland. We konden een maand bij vrienden van hem in Seattle in een huis in een bos slapen en in clubs van bekenden spelen. Vanuit Seattle is toen geregeld dat we in San Francisco in de Fillmore West konden spelen, in Los Angeles en in New York in de Fillmore East."

De herstart van de band; the switch
"We hebben als band in Amerika geleerd dat er nog een heleboel moest gebeuren. Daar is toen eigenlijk de basis gelegd voor mijn uittreden uit de band, omdat de ‘formule Beatles' die we tot die tijd min of meer hadden gehanteerd, dat wil zeggen gewoon op een avond een aantal liedjes spelen, moest veranderen. Freddy Haayen sprak de gedenkwaardige woorden die iemand hem gezegd had: "you better teach them a show!" Met andere woorden de band moest een bühne groep worden. De optredens moesten worden aangevuld met een drum- en een bassolo.

Rinus wilde na de tegenslagen met de optredens in Amerika laten zien wat de band kon en wilde niet met lege handen naar huis. We wisten allemaal dat George een goede gitarist was en dat Barry een goede zanger was. Wat wij toen nog niet wisten was dat Rinus een hartstikke unieke muzikale bagage had, want er waren verder geen bassisten die een kwartier lang ‘met hun bas op het podium sleurden'; hij bleek een sologitarist op een bas! Rinus zette de sfeer op de bühne van de Fillmore West van iemand die helemaal in extase was. Hij ging voor zijn speakerkast hangen met zijn Danelectro bas en op de bühne rollen. Dit kwam volgens mij voort uit ‘het nu of nooit gevoel'. De zaal kwam overeind bij zijn bassolo! Je zou een dergelijke solo eerder van George dan van Rinus verwacht hebben. Dat moment was de herstart van de Earring! Daarom is de band er nog. Die avond wees de weg hoe het eventueel zou kunnen! Het was tevens mijn einde bij de Earring. Er moest iets veranderen om door te kunnen gaan in een stijl die veel meer gerelateerd was aan waar je live de handen voor op elkaar kunt krijgen. Het was toen niet meer de herkenning en klappen voor bekende liedjes. Het was ook gebaseerd op hoe je ook succes kunt hebben met nummers die mensen niet al 85 keer hebben gehoord! De vibe terplekke moet het dan doen en niet het feest van de herkenning. Je startpunt is altijd dat het feest van de herkenning er nog niet is; dat komt pas later."

Back Home en Radar Love
"Uit de eerste Amerikaanse tour is uiteindelijk de hele ‘stijl switch' van de band voortgekomen. Je kunt dat op de platen heel goed horen, want dan komen hartstikke goede nummers als Back Home. Dat had ook de wereld hit van de band kunnen zijn, maar dat werd ‘m nou niet. Radar Love is vanzelfsprekend geweldig. Ik vind dat Radar Love nog meer magic heeft dan Twilight Zone. Twilight Zone is meer een single, een moment dat voorbij gaat, maar Radar Love is een hoorspel dat je je hele leven kunt blijven horen! Het is een tijdloze song. Het idee van de tekst van Radar Love is gewoon geniaal. Heel origineel. Ik kende beide woorden, maar ik kende ze niet in die combinatie. De song Radar Love geeft een exposure van wat de band op dat moment wilde zijn; een nummer dat ook wat langer is dan normaal. Dat is je droomsingle!

Het verhaal met Bobby is weer het ‘contacten verhaal' dat ik eerder noemde, waar de Earring zo goed in was. Er zitten ‘good vibes' in de band, waardoor er altijd wel mensen waren die vrienden van je wilden worden. Dat is altijd zo geweest met de Earring; dat is echt de kracht geweest van de band. Dat zeg ik ook tegen alle bands waar ik nu mee werk; als je dat niet hebt, dan heb je echt ‘een missing link'! Golden Earring is een succes vanwege wat ze kunnen, maar hun natuurlijke PR is ook altijd in orde geweest. Er bestaat absoluut geen lijstje van shit optredens waar ze in de afgelopen 40 jaar een rotzooitje van hebben gemaakt. Heel veel bands gaan dat toch doen. Zo'n opstelling als van de Earring sleept je echt door je magere jaren heen! Ik ken de band op dit moment niet meer van nabij, maar die mentaliteit is ongetwijfeld precies hetzelfde gebleven! In het algemeen geldt bij bands dat daar het lucifertje aan gaat of uit! En als het uit gaat, dan kun je het onder een blok houden, maar dan gebeurt er niets; al gooi je er een fles benzine overheen, er gebeurt niets!"

Van Spooky's Day Off naar Stars on 45; muziek als geheel
We stappen van The Golden Earrings naar het produceren van muziek. De eerste producties waren van Spooky's Day Off en Marva Hodge in 1969 toen Jaap nog bij de Earring zat. Alom bekend is zijn nummer 1 notering in Amerika met Stars on 45 en zijn muziek voor reclamefilms voor o.a. ABN AMRO, Douwe Egberts, Grolsch en Heineken.

"De vele facetten van muziek, zoals de originaliteit en de eenvoud van een compositie hebben mij altijd meer gefascineerd dan drummen. Drummen is onderdeel van het grotere geheel. Het geheel vind ik belangrijker dan het drummen, hoewel ik het drummen geweldig spannend vind. Maar ik ken ook alle merken gitaren! Misschien niet zo gedetailleerd als een gitarist, maar ik weet er wel veel van. Ik ben veel meer in de breedte in de muziek geïnteresseerd dan alleen de drums. Dan gaat het produceren op een gegeven moment ten koste van het drummen.
Ik heb zelf nooit met de Earring een lp of cd opgenomen. Een aantal van hun lp's of cd's zijn hier wel in de studio opgenomen of gemixed". (De lp's Switch en Prisoner of the night zijn opgenomen in de Soundpush Studio en Cut en N.E.W.S. zijn er gemixed. Jaap Eggermont wordt op de hoes van Cut en N.E.W.S. bedankt door de band).

Met dank aan Jaap Eggermont voor het interview!

Jan, bedankt dat we jouw interview en je privé-foto hier mochten plaatsen! (AP / RvdW)
 

Jan Sander
Den Haag, september 2005




 


Vorige pagina: Vroege Earrings
Volgende pagina: Sieb Warner